Trefdag 'Wet Peeters'

Wij kijken terug op een geslaagde trefdag ‘ Wet Peeters’. De opkomst was talrijk en het publiek was fantastisch. Vele vragen werden gesteld, antwoorden werden verleend met zin voor praktijk.

Hieronder treft u alvast een fragment van die dag aan.

Er werd aan onze Manager Property & Liability Mieke Speeckaert, tevens panellid, onder meer gevraagd welke polissen de wet voorziet:

‘Naast de borgstelling in afwijking van art 5, voorziet de wet dat de aannemers, architecten en andere dienstverleners in de bouwsector zich kunnen verzekeren onder de vorm van een globale polis of onder de vorm van een individuele polis.

Het voordeel van de individuele polis houdt in dat men als onderschrijver van deze polis de volledige limiet ‘ voor zichzelf’ heeft. Anderzijds brengt dit, vanuit claimsperspectief als makelaar bekeken, helaas met zich mee dat men geconfronteerd wordt met diverse verschillende toepasselijke polisvoorwaarden met alle discussies tot gevolg.

Gaat men echter opteren voor een globale polis, dan heeft dit als voordeel dat de andere verzekeringsonderhevigen op de werf vrijgesteld worden van de verzekeringsplicht. Deze benefit valt evenwel te relativeren daar het plafond geldt voor alle verzekerden samen. Indien men daarbij nog voor ogen neemt conform de Memorie van Toelichting dat bv ingeval van appartementsgebouwen de limiet per appartementsgebouw en niet per wooneenheid geldt, dan valt dit toch wel heel beperkt uit…

Anderzijds zal men dan weer ingeval van schadegevallen ‘slecht’ te maken hebben met 1 versie polisvoorwaarden, wat uiteraard dan weer gunstig is.

Wat wij ons puur ‘praktisch gezien’ afvragen als makelaar, is wanneer men deze zal laten aanvangen gezien de aanvaarding voor vele verzekeringsplichtigen onder deze een en dezelfde polis zich op een ander moment zal situeren. Bijkomend stellen we ons de vraag hoe het attest eruit zal zien, namelijk gaat men deze ad nominatim oplijsten. Wij verwijzen hiertoe ook naar de voorlegging van het attest tegenover de RSZ.

In het verlengde hiervan willen wij ook nog eens wijzen op art 4 van de wettekst die als ‘verzekerde’ onder meer de onderaannemers beschouwd. Wanneer men dus bv een individuele polis als hoofdaannemer heeft onderschreven, zou dit impliceren dat de onderaannemer automatisch gedekt is.

De beide modules die nu reeds gangbaar zijn bij ABR-polissen, zijnde de abonnements- of projectpolis zijn in deze opties mogelijk. Het is uiteraard gekend dat wanneer men een verzekeraar een garantie van een bepaald volume aan polissen geeft via een abonnementspolis dat dit financieel gunstig kan uitvallen.

Onze rol als makelaar zal vooral weggelegd zijn in het feit dat we moeten oog hebben voor deze pro’s en contra’s evenals dat we de problematiek van samenloop, die dit ongetwijfeld met zich zal meebrengen, niet uit weg mogen gaan.’

 

Wil u meer te weten komen over deze wetgeving en welke oplossingen wij u kunnen aanreiken? Contacteer ons vrijblijvend: mspeeckaert@concordia.be of tel. 09 264 11 18.

Er verschijnt tevens nog een boek van Die Keure waar u onze reflecties omtrent deze wetgeving kan terugvinden.